Vraag & Antwoord

Zons- en maansverduistering bij het verschijnen van al-Madiy is een verzonnen overlevering

Ik behoorde tot de Ahmadiyya gemeenschap en beweging, en alle lof is voor Allah, Allah heeft mij geleid naar de Soennah samen met mijn moeder en twee broers. Ik vraag Allah om mijn vader en de rest van mijn broers te leiden naar de waarheid. Ik heb een overlevering gelezen dat het tot de tekenen van de komst van al-Mahdiy er een zon- en maansverduistering zal zijn in de maan Ramadhaan bij zijn eerste verschijning. Is deze overlevering authentiek of zwak? Moge Allah jullie rijkelijk belonen.

 

Alle lof is voor Allah.

We prijzen Allah die jou heeft geleid naar de waarheid, en jou redde van het gevaar van deze afwijkende groep, en wij vragen Hem om je vader en de rest van je familie met begeleiding en gerechtigheid te zegenen.

Met betrekking tot de overlevering die je genoemd hebt, kunnen wij zeggen dat dit geen overlevering dat overgeleverd is van de boodschapper van Allah (Allah’s vrede en zegen zij met hem), maar door ad-Daaraqotni in zijn Soenen (2/65) vermeld heeft en dat het een uitspraak is van Mohammed ibn al-H’anafiyyah ibn ‘Ali ibn Abie Taalib. ad-Daaraqotni zei: “Aboe Sa’eed al-Astachri verteld ons, via  Mohammed ibn Abdullah ibn Nawfal, via Obayd ibn Ya’iesh, via Yoenoes ibn Boekair, via ‘Amr ibn Shamir, via Djaabir dat Mohammed ibn ‘Ali zei: "Voor onze al-Mahdiy zijn er twee tekenen die er nooit zijn geweest sinds de schepping van hemelen en de aarde: er zal een maansverduistering zijn bij de eerst nacht van de Ramadan, en er zal een zonsverduistering zijn bij de helft van de Ramadhaan en deze tekenen zijn er sinds de schepping van de hemelen en de aarde niet geweest.”

Deze uitspraak is onjuist verteld over Mohammed ibn al-H’anafiyyah (moge Allah hem genadig zijn).

Dr. ‘Abdul ’Aliem ‘Abdul ‘Adheem al-Boestawie zei in zijn boek “Al-Mawsoo’a fie ahaadieth al-Mahdiy ad-Dha’eefah wal Mawdoo’ah” (Encyclopedie van de zwakke en verzonnen overleveringen over de al-Mahdie), blz.169:  “In deze overlevering (die hierboven genoemd is) zit in de keten van overleveraars Yunus ibn Boekair ibn Waasil ash-Shaybaanie, Aboe Bakr ibn Djamaal al-Koefie die zich vergist en fouten maakt in het overleveren. Hij overleed het jaar 199 AH. ‘Amr ibn Shamir al-Dja’fie al-Koefie, Aboe ‘Abdullah was een persoon die overleveringen verzon. 

Soelaymani zei: 'Amr ibn Shamir verzon overleveringen voor de Ar-Raafidhah.*  

Al-Djoerdjaanie zei: “Hij was een leugenaar die afgeweken was.”

Imaam al-H’aakiem zei: “Hij was een persoon die veel overleveringen verzon en deze overleverde via Djaabir al-Djoeh’fie.”

Ibn H’iebbaan zei (over ibn Shamir): “Een Raafidhie (Shi’iet) die de metgezellen bespotte en beledigde en overleveringen vertelde van betrouwbare personen.”

Aboe H’aatiem zei: “Een zeer zwakke Raawie (overleveraar), geleerden hebben deze persoon nagelaten (zij overleverden geen overleveringen via hem vanwege zijn onbetrouwbaarheid).”

Vele h’adieth geleerden zoals Imaam al-Boekhaarie, an-Nasaa-ie, ibn Sa’d, ad-Daaraqotni, en andere geleerden hebben deze persoon nagelaten en geen overleveringen overgeleverd via hem.

Conclusie: deze overlevering van de maan- en zonsverduistering bij het verschijnen van al-Mahdiy is een verzonnen overlevering.

‘Adhzeem al-Abaadie zei: “Zowel ‘Amr ibn Shamir als Djaabir zijn beiden zwak en hun overleveringen worden niet als bewijs genomen.” Einde citaat.

En Allah weet het beste.

Bron: Sheikh Mohammed Saalih' al-Moenadjied.

 

* Ar-Raafidah (de Shjiieten): Eén van de dwalende groeperingen. Zij zijn degenen die overdrijven met betrekking tot de familieleden van de profeet (Allah’s vrede en zegen zij met hem) (Ahloe l-Bayt) en de rest van de metgezellen ongelovig verklaren, of als grote zondaren zien. Zij zijn onderverdeeld in verschillende groeperingen; onder hen heb je de extremisten die beweren dat ‘Ali een god is en onder hen zijn er anderen dan deze. 

 


AL.ISLAAM.COM
Uw mobiele kennisbron over de Islaam

BESCHIKBAAR OP DE VOLGENDE APPARATEN